Love in times of Corona

Love in times of Corona

We houden met z’n allen onze adem in als het gaat om wat er staat te gebeuren. Onheilspellend hangt het coronavirus over ons land. En niemand die precies weet wat er nog gaat komen. We speculeren ons suf, een poging tot grip. Maar niemand die het echt weet.

De Vlaamse psychiater Dirk de Wachter zegt: ‘Als we het moeilijk hebben, moeten we elkaars huid voelen’. We mogen elkaar niet meer aanraken maar we houden elkaar beter vast dan ooit.

We’re in this together. Dit virus maakt geen onderscheid tussen ras, geaardheid, sociale status. We are one. Dat is ook het gevoel waar onze ministers ons op aan spreken: Let een beetje op elkaar. En dat doen we; buurtbewoners die boodschappen doen voor kwetsbare anderen. Restauranteigenaren die ondanks de klap die ze te verwerken krijgen het eten dat ze ingekocht hadden naar de voedselbank brengen. Fans die het geld voor hun concertkaartjes niet terugvragen om artiesten in hun kwetsbare beroep te steunen.
Dit is precies wat maakt dat wij ons verder hebben ontwikkeld dan dieren; ons uitzonderlijk vermogen om samen te werken, naar elkaar om te kijken. Ons hart aanspreken voorkomt een banaal survival of the fittest.

Het zijn voorbeelden van wat Frederike Bannink (2008) omschrijft als het fenomeen ‘Posttraumatische Groei’; deze term gebruik ik vaak in mijn spreekkamer om met mensen stil te staan bij hoe het trauma dat ze hebben meegemaakt kan leiden tot een versie 2.0 van zichzelf. Uitgangspunt hiervan blijft dat een trauma nooit wenselijk is en dat bezig zijn met een veerkrachtige reactie op iets heftigs nooit ten koste mag gaan van empathie voor de ellende die iemand meemaakt. Maar als het dan toch gebeurt, kun je wel stilstaan bij de vraag hoe je hiervan kunt groeien. En Nederland maakt zich op voor zijn eigen versie 2.0. In een maatschappij waarin het alleen maar met ons zelf bezig zijn een steeds groter probleem wordt, groeien we nu naar elkaar toe. En krijgen we met z’n allen een hard lesje acceptatie; het leven is niet zo maakbaar als we denken en dit virus laat zich niet zo makkelijk controleren als zoveel andere dingen in ons leven.

We komen tot stilstand uit een leven waarin het ‘work hard, play hard’ geblazen is. En voor wie gaat dat geen lastige momenten opleveren? In een relatie op elkaar aangewezen zijn en elkaar niet meer kunnen vermijden, inclusief alle irritante eigenschappen van de ander? Momenten waarin je even met jezelf alleen bent en niet zo gemakkelijk meer ontsnapt aan wat zich nou eigenlijk van binnen afspeelt? Hoe gaan we om met angst, iets wat vrijwel iedereen inmiddels wel in enige mate voelt? En ook: hoe dealen we met verveling? Een gevoel dat we haast niet meer herkennen, zowel kinderen als volwassenen.

Het antwoord kwam deze week; angst en onzekerheid gaven aanzet tot liefde, elkaar helpen en vasthouden. Obstakels leidden in een mum van tijd tot prachtige oplossingen. En uit het verveelde brein ontsproten de mooiste ideeën. Er ontstond ruimte voor het kalibreren van ons kompas; Waar sta ik eigenlijk in dit leven? Wat vind ik nou eigenlijk echt belangrijk als het er daadwerkelijk om gaat? Antwoorden die je pas voelt op de momenten dat het moeilijk is.

Het virus groeit. En hoe confronterend ook, daar hebben we maar beperkt invloed op. Wat we wel kunnen doen is beslissen hoe we daarmee omgaan. Let’s outgrow this thing. Zowel persoonlijk als naar elkaar toe. Afstand houden omzetten in dichterbij onszelf en dichterbij elkaar. Nederland 2.0. Zodat we over een jaar kunnen zeggen dat we niet alleen verlies hebben geleden.

Take care.

Stieneke Mulder, GZ-psycholoog