Column Leeuwarder Courant: Angst voor de tandarts

Weer zo'n mooie column in de Leeuwarder Courant, gepubliceerd op 5 oktober 2019. Durf jij de angst aan te gaan?

Je kunt leren minder bang te zijn, maar dan moet je wel die stoel in

Jolien, 42 jaar: ,,Ik voel me net een kleuter. Ik weet heus wel dat mijn tandarts mij geen kwaad wil doen, en toch durf ik niet. Dan lig ik in die stoel en ik kan geen kant op. Ik moet stil liggen en ik zie die verdovingsspuit levensgroot boven me zweven. Het zweet breekt me uit, ik kan het niet, ik wil het niet, ik moet weg en roep heel hard STOP! En ja, dan stopt-ie wel hoor, en dan gebeurt er niets. Maar ja … dat gaatje zit er nog steeds.”

Jolien lijdt aan tandartsangst. Bijna iedereen heeft wel een beetje spanning voor zo’n bezoek, maar de angst zoals Jolien die ervaart is te heftig en hierdoor gaat ze de tandarts mijden. Soms heeft dit soort angst te maken met vroeger, wanneer je als kind bijvoorbeeld ooit bent gedwongen in de tandartsstoel te gaan zitten of wanneer je een andere machteloze situatie hebt meegemaakt waarover je geen regie had.

Die onmacht kan later in je leven weer activeren in je brein. Soms is het nodig om dan oude trauma’s te behandelen, maar dat hoeft lang niet altijd. Meestal is de vraag: ‘help mij van mijn angst af en als dat lukt, dan ga ik naar de tandarts’. Zeker, we kunnen veel doen aan die angst, alleen niet in deze volgorde. Eerst van de angst af en daarna gaan doen waarvoor je bang was, dat klinkt fantastisch, ik zou willen dat ik het kon. Maar het moet tegelijkertijd: je kunt leren minder bang te zijn, maar dan moet je wel die stoel in. Het kan niet zonder spanning.

Exposure

Samen, rustig, met alle aandacht, steeds een stap verder, merken dat je het kunt en bij elke stap die is gezet een feestje vieren. heet dat, met goede afloop. Er zijn een heleboel technieken die je kunt toepassen in die tandartsstoel, die ervoor zorgen dat je je spanning gebruikt in plaats van dat die tegen je werkt.

Jolien wil er wel voor gaan. We bootsen eerst de situatie na bij mij in de kamer, ik leer haar ademhalingstechnieken en om te wiebelen met haar tenen en te frummelen met haar vingers. Ze draait propjes van papier en zingt liedjes in haar hoofd. Waarom? Omdat ze dan veel minder spanning opbouwt in haar lijf.

Ook kijken we samen filmpjes waarop een tandarts een gaatje vult en die moet ze thuis heel vaak herhalen. In het begin wil ze eigenlijk niet kijken, maar na vijftien keer is de spanning er wel af, dan wordt het zelfs saai.
Een belangrijke stap is natuurlijk samenwerken met de tandarts, die moet weten wat er speelt en wat ze nodig heeft om de behandeling te ondergaan. Jolien is degene die hem dat gaat vertellen, zij neemt hierin de regie. Ze voelt zich geen kleuter meer.